Het is een bizar idee. We hebben opeens vier slaapplaatsen in 1 nacht. In theorie dan hè, op papier. Het huis in Heemskerk, ons bedje in Bali, het bakbeest op de camping. En: een heerlijk hotel op Magnetic Island!
Want we besloten algauw toen we in Townsville arriveerden: laten we vanaf hier tóch ook dat nachtje naar Magnetic Island gaan!
En zo boekten we, die avond, een fijn luxueus hotel om de kampeerranzigheid van ons af te kunnen spoelen. Én: een huurauto. Avontuur, we komen eraan!
De volgende morgen hadden we lekker op de tijd de taxi om ons naar de veerpont te brengen. Kaartjes kopen, de boot op, en 20 minuutjes later arriveren we in de haven van Maggie Island, zoals deze plek liefkozend wordt genoemd.
Het is nog te vroeg om in te checken, maar koffers droppen mag wel. Ons hotel zit tien stappen links van de haven, de auto verhuur tien stappen rechts. De auto verhuur is mega kleinschalig (net als het hele eiland eindelijk).
We krijgen een auto én een gelamineerde kaart van het eiland mee. Eigenlijk kun je nauwelijks verdwalen, er is 1 hoofdweg van totaal 10 km, die langs de 4 kleine dorpjes komt. We sjezen meteen maar naar het noordelijkste puntje, het plaatsje Horseshoe Bay. We parkeren de auto en nemen een kijkje aan het strand, waar we meteen al zwarte kaketoes zien scharrelen! Heel tof! IJsje, speeltuintje, top.
Daarna rijden we een beetje zuidelijker, we nemen een kijkje bij een soort parkje met koala’s (niet gespot, wel veel gezweten) en lunchen weer in het relaxte Horseshoe Bay. Het sfeertje is hier zo relaxt, on-Australisch. Er hangt in Horseshoe Bay een relaxte backpackers vibe, ik kan het moeilijk omschrijven, maar heel gezellig en chill.
Begin van de middag kunnen we inchecken. We hebben een lekker ruim appartement, met uitzicht op de haven. Riff even slapen en wij allemaal ff douchen want het is hier intens zweten geblazen.
Ook het tapas restaurant waar we die avond eten heeft een gezellig sfeertje, wat ben ik blij dat we hierheen zijn gegaan zeg!
De volgend morgen regelen we een late checkout omdat Arjan nog wat moet werken. Ik besluit met de kids via het wandelpad langs de kustlijn naar het eerstvolgende dorpje (Arcadia) te lopen. Nou, wat met de auto een kippenstukje lijkt is wandelend met buggy bepaald geen kattenpis. Maar het uitzicht is wel prachtig!
We relaxen even in het speeltuintje, maar ik krijg de kinderen maar matig geënthousiasmeerd voor een wandeling terug. De bus pakken daarentegen lijkt ze, om verschillende redenen, geweldig. Nou doen we dat toch! Achteraf realiseer ik me dat de bus überhaupt een prima vervoersmiddel had geweest deze dagen. Al was touren met een huurauto wel super leuk. Na het zwemmen checken we uit en maken we een laatste lunch stop, voor we de boot weer terug pakken. Wat een fijne dagen hebben we hier gehad zeg! Echt, wat een heerlijk sfeertje.
De volgende dag maken we de laatste kilometers van deze reis. Inmiddels branden er allerlei waarschuwingslampjes, zijn er hier en daar onderdelen afgebroken en concluderen we dat we op zich ‘een volgende keer geen camper hoeven’. Maar goed, de geschiedenis herhaalt zich, want dit hebben we eerder gezegd, en kijk ons nu. Deze laatste uren zijn daarentegen wel de mooiste qua natuur. Zo mooi groen en tropisch!
Tja het heeft wel iets heel knussigs, zo’n huisje op wielen. En kamperen met kinderen is sowieso ontzettend fijn. We hebben het beste, zo blijkt, voor het laatst bewaard, want het Cairns Coconut Resort is echt een parel van een camping. Meerdere zwembaden, waterpark, speeltuinen, minigolf, restaurantje. En regen. Dus de eerste dag bekeken we de camping vooral vanachter een verregend plastic klapraampje.
Maar gelukkig was het de dag erna zonovergoten en konden we lekker genieten van al het leuks dat de camping ons te bieden had.
Op onze een na laatste dag hadden we het laatste tourtje van deze reis gepland: naar het Great Barrier Reef!
We begonnen de dag in de bedrijvige haven van Cairns, waar talloze tours starten. Als de toekomst van het Great Barrier Reef echt zo onzeker is dan kan het plaatsje Cairns ook wel opgedoekt worden ter zijner tijd.
We gaan aan boord van onze catamaran naar Green Island. We kozen voor een full day tour met twee aanvullende excursies: de glassbottom boat en de semi submarine, maar algauw blijkt dat die laatste niet door gaat.
De boot vaart in ongeveer een uur naar Green Island, een klein eilandje midden in het great Barrier reef. Daar meert hij aan een grote steiger vanaf waar je het eiland op wandelt. Er is een schema voor de excursies, waarvoor je terug naar de boot moet, maar verder kun je je tijd vrij indelen.
We wandelen eerst het eiland op, waar een resort, zwembad en verschillende restaurants zitten. Het is gewoon een soort klein dorpje, op een stukje land midden in de oceaan.
Na een ijsje begeven we ons terug naar de boot voor de glassbottom boat. Het is niet de eerste keer dat we een soortgelijke boot pakken, maar dit is wel by far de mooiste. Geen ingelijmd miniraampje, maar echt een hele bodem van glas. De kinderen vinden het geweldig en we hebben prachtig zicht op de onderwaterwereld. De mooiste tropische vissen zwemmen onder de boot door en we zien zelfs een rog, schildpad en een haai! Hoe gaaf!
Na dit tourtje wandelen we weer het eiland op om even wat te eten. Een rustig lunch-momentje is het allerminst, want de vogels hier weten ook hoe laat het is en komen toegesneld. Er springt er zelfs een op Ivy’s hoofd in een poging een hapje, dat net onderweg is naar haar mond, te onderscheppen.
We laten de vogel kolonie achter ons en gaan naar het strandje. Het is een heerlijk rustig baaitje waar de zee kalm kabbelt. Perfect voor de kids.
Vanaf hier kunnen we zo de zee in wandelen om een stukje te snorkelen in het great Barrier reef. Arjan gaat eerst een uurtje en heeft wat mooie tropische visjes en kleurrijk koraal gezien.
Daarna is het mijn beurt. Hoe rustig de stroming in het baaitje is, zo intens is het als je een stukje verderop richting het rif gaat. Ik dobber wat boven het koraal, maar de kleurenpracht die ik had verwacht blijft een beetje uit. Ik besluit langzaamaan terug de zwemmen, maar dan schrik ik me helemaal het leplazerus. Vlak langs me zwemt een haai! Omg wat een imposant beest, anderhalve meter aan pure horror. Maar toch ook zo speciaal om te zien!
Ik weet dat deze variant het doorgaans niet op mensen voorzien heeft. Maar toch zet ik een tandje bij en flipper er vandoor als een wedstrijdzwemmer die het olympisch record probeert te verbreken. Enthousiast en uitgeput kom ik terug bij het baaitje, waar de overige gezinsleden nietsvermoedend een balletje overgooien en zichzelf een modder masker geven.
“Arjan, je moet nú nog een keer gaan snorkelen, 20 meter verderop heb ik een haai gezien!” Zo snel als we kunnen laten we die ene kwallen-wetsuit die we hebben van eigenaar wisselen. Als je ooit in een wetsuit hebt gezeten weet je dat dat helemaal niet snel kán en dus vertrekt Arjan pas 10 minuten later weer voor z’n tweede snorkelrondje. Gelukkig heeft ook hij algauw de haai in z’n vizier. Wat is dat toch onwijs tof! Echt zo gaaf wat we allemaal gezien hebben deze dag. We sluiten deze eiland dag af met een koud biertje op het terras en voor de kinderen een plons in het zwembad, voordat we weer aan boord gaan.
Aan het einde van de dag komen we helemaal rozig aan op de camping, waar we ons allerlaatste nachtje in de camper tegemoet gaan. Colin en Ivy pakken nog de allerlaatste movie night mee. Dat campingleven zo met het gezin is zo relaxt. Oké, natuurlijk kent het ook wat ongemakken, maar we hebben genoten van de leuke plekken en het plezier van de kindjes.
De volgende dag is iets minder plezierig, want we moeten de hele hut uitmesten en inpakken. En met een temperatuur die tegen de 40 graden loopt is dat een klamme bedoening. We kunnen zwemmen in ons eigen zweet zeg maar.
We sturen de kinderen erop uit naar speeltuin en snoepwinkel zodat wij alles ff rustig kunnen doorploeteren. We hebben een extra koffer gekocht om mee terug te nemen voor alle kerst cadeautjes maar moeten alsnog van het een en ander afscheid nemen.
Tegen half 2 leveren we het bakbeest in en worden we naar de luchthaven gebracht. Het is nogal uitgestorven, want de vlucht vertrekt pas over 5 uur, maar omdat de camper verhuur op zondag om 2 uur sluit hadden we geen andere keuze. We hangen wat uurtjes in de hal en kunnen dan eindelijk inchecken.
Achter de douane eten we een hapje, doen we onszelf bij wijze van verlaat kerstpresentje nog een horloge en parfum cadeau en dan is het tijd om te gaan boarden. We hebben onwijs genoten van deze vakantie, en alle toffe nieuwe dingen die we hebben gezien en gedaan. Maar nu is het tijd om terug te gaan naar Bali. Op naar huis!











































